| |
ichliden
ruwe Edelstenen uit Midden
Amerika
Herichtys Pearsei.
Dit is samen met de Petenia
Splendida een van de
rustigste soorten die uit
Midden Amerika komen,
vandaar dat de meeste
liefhebbers op zoek zijn
naar deze soort.
Het is een van de groter
wordende soorten die net als
zijn neefje de Bocourtie een
lengte kan bereiken van rond
de 45cm.
Deze soort is zo vreedzaam
dat hij zich weg laat jagen
door de veel kleinere
Nandopsis Salvini, Nandopsis
Octofasiatus en Thorichthys
Meeki.
Met deze vis hoef je normaal
gesproken niet al te veel
problemen te verwachten.
Van de Pearsei zijn ook weer
een aantal verschillende
varianten, de variant die
uit Guatemala komt heeft bij
voorbeeld niet zo'n mooie
streeptekening, een van de
mooiere varianten is de Rio
Lacanjah deze bezit een
prachtige tekening, andere
rivieren waar hij in
voorkomt zijn de Palenque en
de Usumacinta.
Het is een ontzettende harde
groeier die binnen een 1
jaar 18cm kan meten.
De Pearsei deelt zijn
biotoop met onder andere:
Chuco Intermedium, Vieja
Bifasiatus, Thorichthys
Helleri, Vieja Synspilus,
Vieja Argentea, Petenia
Splendida en de Nandopsis
Salvini.
In het land van herkomst
wordt hij ook wel Querudo en
Zacateras genoemd, Queudo is
het spaanse woord voor leer,
de Pearsei heeft een
leerachtige huid en is
hierdoor moeilijk schoon te
maken door de vissers.
Gedrag:
De Pearsei is zoals gezegd
een rustige groot wordende
vis.
Hij heeft echter wel
voldoende ruimte nodig om
optimaal uit te kunnen
groeien, een behuizing van
200x60x60 is ideaal.
De medebewoners dienen
zorgvuldig uit gekozen te
worden, als er vissen bij
gezet worden die te dominant
zijn (ik denk hieraan bij
voorbeeld N.dovii of
V.Bifasciatus) dan wordt de
Pearsei onderdrukt, waardoor
je als gevolg van stress,
ziektes en infecties kunt
krijgen.
Goede medebewoners zijn:
Petenia Splendida, Nandopsis
Managuense, Vieja Synspilus
en Vieja regani.
Ze eten zo'n beetje alles
wat je hen voorschotelt,
maar plantaardige kost mag
ook bij deze soort niet
ontbreken, ik denk hierbij
aan andijvie, sla,
doperwten, spilulinavlokken
of sticks.
Verder hebben ze ook graag
wat stevig voer zoals
meelwormen en diepvriesvoer.
Inrichting:
De pearsei komt in de natuur
voor tussen de
oeverbegroeiing (planten en
hout).
Dus dit kunnen we in het
aquarium ook toepassen
bijvoorbeeld door wortelhout
vast te maken aan een
glasstrip boven het water,
zodat het lijkt dat er een
stuk hout in het water
groeit.
Zacht bladig planten kan je
bij deze vissen niet
gebruiken omdat ze
plantaardig voer eten.
Als bodem kunnen we grof
rivierzand met kiezels
gebruiken met hierop
verschillende maten
maaskeien en een paar mooie
stukken wortelhout.
De temperatuur kan rond de
29 graden liggen en de PH
rond de 7.
De achterwand dient van hard
materiaal te zijn omdat ze
graag algengroei van de wand
grazen, waardoor bij een
zachte achterwand er stukjes
zullen sneuvelen en dat is
niet zo'n fraai gezicht als
er van alles rond drijft op
het wateroppervlakte.
Voor de verlichting gebruik
je het beste wat gedimd
licht b.v. triton of grolux.
De grote,het
geslachtsonderscheid en de
kweek:
Zoals je eerder hebt kunnen
lezen wordt de soort rond de
45cm groot, de vrouwtjes
blijven wat kleiner.
Het verschil tussen
mannelijke exemplaren en
vrouwelijke exemplaren is
bij deze soort lastig te
zien.
De mannen worden groter,
krijgen een steil voorhoofd
en hebben donkere banden
over hun lichaam, terwijl de
vrouwen minder donkere
banden hebben, let op er
zijn ook varianten waar
beide seksen geen of weinig
dwars banden hebben.
Ook hebben de vrouwen een
rondere buikpartij en als ze
zich druk maken krijgen ze
een donkere keel.
De kweek is lastig, er zijn
bij mijn weten maar 5 mensen
in Nederland er in geslaagd
om deze soort te kweken, ze
zijn bij een lengte van 15
cm geslachtsrijp.
Je begint met een 6 tal
jonge exemplaren deze laat
je bij elkaar opgroeien
totdat er een koppel zich
gaat afzonderen, dit merk je
doordat 2 vissen veel met
elkaar optrekken en baltsen.
Ze gaan op den duur steeds
langer en vaker pronken naar
elkaar en dit gaat samen met
graven en poetsen.
Als de steen of achterwand
schoon genoeg is voor het
vrouwtje voert ze eerst een
aantal schijn afzettingen af
hierna zet ze zo'n 800
eitjes af. (dit aantal hangt
af van de lengte van het
vrouwtje).
Het eerste legsel gaat
meestal fout bij nieuwe
koppels, hierna merk je dat
het beter gaat,
waarschijnlijk moeten
sommige soorten het nog
leren.
Bij een temperatuur van 28
graden komen de eitjes na 3
dagen uit en na nog eens 3
dagen gaan ze vrij zwemmen.
(na het uit komen merk je
dat de jonge visjes verhuisd
worden naar eerder gemaakte
kuiltjes)
Opkweek is makkelijk met
microvoer en artemia.
Tot slot:
De Pearsei is een mooie
groot wordende soort die ook
makkelijk door een beginner
gehouden kan worden doordat
hij zo rustig is.
Geef je hem de ruimte dan
heb je er eigenlijk een
huisdier bij van ruim 40 cm,
die zijn baasje zal
herkennen.
Niets is er mooier dan
wanneer je de vis op zijn
maximale lengte hebt
opgekweekt en dan ook nog
eens tot nakweek hebt
gebracht.
>De familie bestaat uit.....
>Hier staan meer foto's.
>terug.
|
|
|
|
|