Tomasopa
 


Cichliden ruwe Edelstenen uit Midden Amerika




 
Nandopsis Loisellie.

We hebben  hier te maken met een soort uit de familie Nandopsis.
Aan het uiterlijk is te zien dat de soort zeer nauw verwant is aan de N.Manageunsis, N.Dovii, N.Friedrichsthalii en de N.Motageunsis.
U kunt foto’s van de boven genoemde soorten met elkaar vergelijken, de meeste staan al afgebeeld op de homepage.
De Loisellei vindt zijn herkomst in Costa-Rica (Rio Sixaola), Panama en Honduras.
Het schijnt ook dat de soort in sommige streken is uitgezet, we hebben hier dan helaas te maken met fauna vervalsing.
Vaak komen wij exemplaren tegen die door winkeliers en liefhebbers worden aangeboden onder verkeerde namen (zie bovenstaande namen).

Gedrag:
Als men hem vergelijkt met de Dovii of de Motageunsis dan is deze soort een lieverdje.
In grotere bakken is de soort goed samen te houden met andere soorten.
Houdt men hem echter in bakken van bijvoorbeeld 150x50x50 dan kan men wel eens problemen krijgen, de soort kan ook tegen zijn vrouwelijke eega te keer gaan en in kleinere ruimte’s is dat meestal het einde van het koppel.
Het is een soort die grof voer nodig heeft zoals garnalen, visjes, mossels en sticks.

Inrichting:
Een grove zandbodem met een aantal holen gemaakt van bijvoorbeeld stenen of wortelhout.
Zorg voor donkere plaatsen in de bak waar de dieren zich kunnen terug trekken als ze zijn geschrokken.
Ik raad het ook af om te felle verlichting te gebruiken.
Houd de watertemperatuur rond de 30 graden, op deze manier groeien ze optimaal.
Een sterke watercirculatie is overbodig maar ik gebruik het doorgaans wel bij de meeste soorten, behalve bij de Amphilophus soorten.

Maximale Grote, Geslachtsonderscheid en Kweek:
De uiteindelijke lengte die hij kan bereiken ligt rond de 30 cm, vrouwtjes blijven doorgaans en 5 tal cm kleiner.
Ze zijn al geslachtsrijp bij 12-15cm.
Het verschil tussen man en vrouw is redelijk te zien, de mannen groeien doorgaans sneller uit en ze krijgen donkere en lichte vlekjes over het gehele lichaam.
De vrouwen krijgen een mooie geeloranje kleur over het lichaam en missen het grootste vlekkenpatroon.
Het kweken met deze soorten is makkelijk, laat een 6 tal jonge exemplaren bij elkaar opgroeien en wacht geduldig af tot er een koppel ontstaat.
Het gevormde koppel zal een plaats in de bak gaan verdedigen, in dit gevormde territoria zal worden gegraven en gepoetst en dan  is de afzetting nabij.
Jonge dieren hebben niet echt grote legsels (200-300 Eitjes), volwassen dieren zijn zeer productief en hebben legsels van 800-1000 eitjes.
Bevruchte legsels komen bij een hoge watertemperatuur na drie dagen uit.
De larfjes zijn makkelijk op te kweken met microvoer en artemia nauplieen.

Slotwoord:
 


>De familie bestaat uit.....

>Hier staan meer foto's.

>terug.

 

 

 

 Home


   
  Home    De Vissen    Tips    Biotopen    Links    Advertenties    Visregistratie                  Copyright (c) cichliden.org 2006