Tomasopa
 


Cichliden ruwe Edelstenen uit Midden Amerika




 
Nandopsis Tetracanthus.


Deze mooie helaas robuuste soort komt men weinig tegen in de handel, waarschijnlijk om dat er weinig vraag naar is want het is nogal een donderstraal.
Als we zijn uiterlijk bekijken kunnen we zien dat hij veel weg heeft van de kleurtekening van de Nandopsis Manageusis, laatste genoemde soort is echter veel verdraagzamer dan de Tetrachanthus.
De herkomst is te vinden in Cuba, een paar rivieren waar hij in is te vinden zijn: de Rio- Alemendares en de Rio-Palacios.
Er zijn een aantal verschillende varianten bekend, verschillend van kleur en lichaamsbouw, persoonlijk vind ik de variant van de foto een van de mooiste.
Het is heel belangrijk dat deze soort warm gehouden wordt, zo niet dan groeien ze amper en breken er vroeg of laat infecties en ziektes uit, ik houd mijn dieren altijd op rond de 30 graden .
Wat het voer betreft heeft elke vertegenwoordiger uit het geslacht Nandopsis grof voer nodig, zoals bijvoorbeeld meelwormen, garnalen, mossels of korrels.


Gedrag:
Zoals eerder gezegd hebben we hier te maken met een vrij agressieve soort die veel ruimte nodig heeft, zo heb ik eens gezien bij een bevriende liefhebber dat een koppel Tetrachanthus in een bak van 2.70 totaal geen andere medebewoners duldde, er zat een koppel Vieja Fenestratus bij en die mocht zich heel stil ophouden in een hoekje van de bak, probeerden ze verder te zwemmen dan dat hoekje dan werden ze gesloopt.
Voor een koppel hebben we dan ook minimaal 200x60x60 nodig en dan kunnen we er waarschijnlijk moeilijk andere medebewoners bij zetten.
Geschikte medebewoners zouden dan ook vrij robuust moeten zijn, ik denk hier dan aan soorten zoals Nandopsis Dovii, Nandopsis Festea en Nandopsis Trimaculatus.
In zijn natuurlijk biotoop komt hij voor in zowel kalm water als snel stromend water.
De paarbinding is als men een goed geselecteerd koppel heeft perfect.
Het zijn open substraat broeders die grote legsels kunnen produceren, een kennis van me heeft een koppel van ongeveer 20 cm en die hebben legsels ten grote van rond de paar duizend eitjes.


Inrichting: 
Voor de inrichting gebruiken we een grove zandbodem (want eenmaal een koppel gevormd zijn het enorme gravers), maaskeien en wortelhout, planten worden helaas uitgegraven en gesloopt.
Zorg voor voldoende schuilplaatsen waar ondergeschikte dieren voor de dominante dieren zich kunnen terug trekken.
Maak de schuilplaatsen bijvoorbeeld met wortelhout op opgestapelde stenen, aangezien het enorme slopers zijn, richten ze de bak naar eigen inzicht in.
Een goede pomp met overcapaciteit is dan ook niet overbodig.


Lengte, Geslachtsonderscheid en Kweek:
De maximale lengte van deze soort ligt rond de 30 cm de vrouwtjes blijven doorgaans een 5 tal cm kleiner.
Ze zijn al geslachtsrijp bij een lengte van 12 cm.
Het geslachtonderscheid is vrij makkelijk, de vrouwelijke exemplaren zijn veel donkerder gekleurd als de mannelijke exemplaren en doorgaans ook een stuk voller gebouwd.
Ook hebben de meeste vrouwen een donkere vlek in de rugvin, de mannen worden veel grover van bouw en veel lichter van kleur.
De kweek is bij vertegenwoordigers van Nandopsis niet moeilijk, begin wel met het opkweken van een aantal jonge dieren hierdoor wennen ze aan elkaar en je krijgt op den duur een goed bij elkaar passend koppel.
Als er eenmaal een koppel is gevormd dan merk je dat ze agressief een territorium verdedigen
Het vrouwtje begint meestal tegen de man aan te baltsen en bijvoorbeeld een steen op te poetsen.
Als de steen schoon genoeg is naar de mening van de vrouw gaat het koppel over in het afzetten, iets wat meestal gebeurd als het ochtend is.
De eitjes komen meestal na drie dagen uit.
Jonge Tetrachanthus zijn makkelijk op te kweken met microvoer en artemia-naulien en vergeet niet wekelijks water te verversen, indien ze apart worden opgefokt elke dag wat water verversen
Tot de lengte van 5 cm zijn ze gevoelig voor darminfectie, houd men het water goed warm dan valt het meestal wel mee.


Tot slot:
Deze helaas agressieve soort heeft veel ruimte nodig, kan men die niet geven, dan raad ik af om aan deze robuuste soort te beginnen want dan eindigt het meestal met een enkeling en daar beleef je toch ook niet al teveel plezier aan.
Nogmaals, houd hem goed warm en geef hem grof voer, dan heb je binnen de kortste keren volwassen exemplaren van deze mooie vissen zwemmen.


>De familie bestaat uit.....

>Hier staan meer foto's.

>terug.
 

 

 

 Home


   
  Home    De Vissen    Tips    Biotopen    Links    Advertenties    Visregistratie                  Copyright (c) cichliden.org 2006