| |
Cichliden
ruwe Edelstenen uit Midden
Amerika
Neetroplus
Panamensis.
De familie
Neetroplus heeft
momenteel 2
vertegenwoordigers
namelijk de
Panamensis en de
Nematopus, deze
soorten zijn
vergelijkbaar met
bijvoorbeeld de
soorten uit de
familie Archocentrus.
Voor een klein visje
(ongeveer 12 cm) is
Nematopus ontzettend
agressief en hij is
een grote concurrent
van de Copora
Nicarageusis die
samen in de natuur
voorkomen.
De Panamensis is een
rustigere soort die
men gemakkelijk
samen met wat
levendbarende of een
schooltje
zalmachtige kan
samen houden.
Deze soort kom je zo
goed als zelden
tegen in de handel,
toch is het een
ideale
aquariumbewoner want
hij is niet te
agressief en heeft
niet veel ruimte
nodig.
Ook in deze soort
zijn verschillende
varianten, een van
de mooiste is de
rode variant (op de
foto’s wordt een
gewone variant
afgebeeld niet de
rode).
Zoals de naam al
verraad komt deze
cichlide voor in
Panama, een aantal
rivieren waar ze in
voor komen zijn: de
Rio-Mandingo en de
Rio-Chepo.
Momenteel wordt de
rode variant in
België veel
nagekweekt.
Gedrag:
Het gedrag van deze
soort is sterk
vergelijkbaar met de
Archocentrus
vertegenwoordigers.
Ze hebben ook een
heel goede
paarbinding en
normaal gesproken
heeft de vrouw het
voor het zeggen en
is dus dominanter
dan de man.
In het natuurlijke
biotoop worden ze
aan getroffen tussen
stenen en rotsen en
komen veel voor in
kleine beekjes met
rustig stromend
water.
Het soort voedsel
wat we ze voor
kunnen schotelen is
veel plantaardig
zoals
spirulinavlokken,
spinazie en ook
garnaalachtige
worden gretig
verorberd.
Inrichting:
Voor deze soort
volstaat al een bak
van 100x40x40,
groter is natuurlijk
wel altijd beter.
Richt de bak in net
als een oever, grove
zandbodem, kiezels,
maaskeien en
overhangend
wortelhout.
Zoals eerder is
geschreven hebben ze
geen sterke
watercirculatie
nodig.
De juiste
medebewoners die we
ze eventueel kunnen
geven zijn
bijvoorbeeld een
koppeltje Tomocichla
Sieboldii of een
kleiner wordende
soort uit het
geslacht Amphilophus(Altifrons).
Probeer de
watertemperatuur
hoog te houden
(ongeveer 28
graden).
Lengte,
Geslachtsonderscheid
en Kweek:
De maximale lengte
van deze kleine
juweeltjes ligt rond
de 12 cm,
vrouwelijke
exemplaren blijven
doorgaans een 2 tal
cm kleiner.
Het
geslachtsonderscheid
is vrij simpel te
zien, net als bij
vele andere soorten
hebben de
vrouwelijke
exemplaren een
donkere vlek in de
rugvin, ook zijn ze
doorgaans voller
gebouwd dan de
mannelijke
exemplaren die een
meer langgerektere
bouw krijgen.
Voor de kweek laten
we een 6 tal jonge
exemplaren bij
elkaar op groeien
totdat er een goed
koppel ontstaat.
Ik ben er zelf een
voorstander van om
meerdere koppels van
dezelfde soort samen
te houden.
Hierdoor krijgen ze
meer concurrentie
van elkaar en dit
heeft meestal het
resultaat dat ze
mooier kleuren en
een grovere bouw
krijgen.
Ten tweede is het
ook handig om wat
achter de hand te
hebben,want ook deze
mooie vissen hebben
niet het eeuwige
leven.
Het kweken verloopt
vrij makkelijk,als
er eenmaal een
koppel is gevormd
merk je dat ze een
territoria gaan
vormen en in dat
territoria wordt een
plaats schoongemaakt
waar ze zullen
afzetten.
De legsels zijn niet
al te groot, ik
schat op zo'n paar
honderd eitjes.
Bij een warmere
watertemperatuur van
28 graden komen
bevruchte legsels na
drie dagen uit.
Het opfokken van
deze jonge visjes
geeft niet veel
problemen, het
probleem wat wel
eens voorkomt is dat
de jongen last
krijgen van witte
ontlasting dit houdt
meestal in dat ze
wormen, of een
darminfectie hebben.
Je kan ze opkweken
met artemia-nauplien
en microvoer.
Slotwoord:
De Panamensis is een
geschikte soort voor
elke liefhebber,
beginner of
fanatiekeling.
Vooral de rode
variant bezit
prachtige kleuren,
die naar voren komen
als hij aan het
baltsen is.
Zoals gezegd, het is
een mooie vis die
vrij gemakkelijk te
houden is, helaas
wordt hij maar
zelden aangeboden,
dus weinig gehouden.
Net als de meeste
soorten,hebben wij
liefhebbers ook een
beetje de taak om
deze soort in de
liefhebbers kring te
houden, hier hebben
wij later als we
zelf de soort zoeken
veel profijt van.
Hiermee bedoel ik,
als wij de soort
hebben na gekweekt
en er genoeg
exemplaren hebben
verkocht of hebben
onder gebracht bij
goede liefhebbers
wij zelf later er
ook nog van uit
kunnen gaan dat er
na een paar jaar ook
nog aan te komen is.
Kortom we hebben
sommige dingen
gedeeltelijk zelf in
de hand.
|
|
>De familie bestaat uit.....
>Hier staan meer foto's.
>terug.
|
|
|
|