Tomasopa
 


Cichliden ruwe Edelstenen uit Midden Amerika




 
Petenia Splendida.  
 

De Petenia is een groot wordende rover met een klein hartje, de meeste mensen schrikken van zijn uiterlijk en zien van het houden van deze soort af.
Heel erg jammer want deze rover heeft een totaal ander karakter dan bij voorbeeld de Nandopsis Octofasiatus of de Nandopsis Salvini.
De meeste rovers hebben de naam erg onverdraagzaam te kunnen zijn, daar hoeft men zich bij deze soort geen zorgen over te maken, de Petenia is heel erg verdraagzaam tegen over soortgenoten en andere vissoorten.
Het blijft echter een rover die zich vergrijpt aan kleinere vissen, zo'n beetje alles wat in zijn bek past slikt hij door.
Belangrijk is dus ook dat men deze vis niet alleen droogvoer geeft maar ook levend voer zoals kleine visjes, meelwormen of garnaalachtige, een klein bakje waar men guppen in kweekt kan een uitkomst bieden.
Hij heeft als u de foto’s bekijkt heel veel weg van de Dimidiachromis Compressiceps uit het Malawimeer in Afrika, de bouw en ook het gedrag, hij staat als het ware tussen de begroeiing geduldig te wachten tot er iets langs zwemt wat in zijn bek past, we hebben hier dus te maken met een vis die hoofdzakelijk tussen de planten en wortels voorkomt.
Er zijn een aantal kleurvarianten bekend, zo zijn er de oranje tot rode kleurslagen, maar ook de zwart-bruine kleurslagen met een streeptekening, natuurlijk zijn er ook van al deze kleur kruisingen te krijgen, persoonlijk vind ik het mooier dat de vis een natuurlijke kleurslag heeft.
Een aantal rivieren waar deze soort in voorkomt zijn: Rio Candeleria, Rio Corzo, Rio Chancala en Rio Tonala, ze hebben een verspreidingsgebied in Mexico en Guatemala.
Deze soort wordt beschouwd als een goede consumptie vis.


Gedrag:

Zoals eerder gezegd hebben we hier te maken met een zeer rustige vis (soms wat schuw) die als medebewoners ook rustige soorten moet krijgen hierbij denk ik aan bijvoorbeeld: Herichthys Pearsei, Vieja Regani, Vieja Argentea, kies je een robuuste soort als medebewoner (zoals: Nandopsis Dovii, Nandopsis Motageunsis of Vieja Bifasciatus) dan zal je merken dat de Petenia onderdrukt wordt en hierdoor heb je kans dat er door teveel stress onnodige ziektes en infecties uitbreken.
Zelfs al verzorgt deze vis een nest jonge dan nog zijn ze relatief rustig tegen over andere vissen, het blijft meestal bij dreigen.  
Het is een rover, dus willen we zijn natuurlijk gedrag observeren dan moeten we deze vis zeker niet met alleen korrels, vlokken en sticks groot brengen.
In de natuur bestaat de voeding onder ander uit jonge cichliden, levendbarende, zalm achtigen en kreeftachtige. 
Aangezien deze soort tussen de begroeiing voorkomt moeten we daar ook rekening mee houden als we het aquarium inrichten, hiermee bedoel ik dat we moeten zorgen voor schaduwrijke plaatsen door bijvoorbeeld een aantal overhangende takken wortelhout of een paar drijfplanten


Inrichting:

Als eerste moeten we bij deze soort zorgen voor een ruime behuizing.
Niet dat hij agressief is maar puur omdat we hier te maken hebben met een vis die een lengte kan bereiken van meer dan 50cm, daarom denk ik dat een minimum van 200x60x60 noodzakelijk is om de dieren tot volwassen lengte laten op te laten groeien.
Als bodem kunnen we een grove zandbodem aanhouden met verschillende maten kiezels en maaskeien zodat het natuurlijk over komt (deze bodem komt overal terug omdat hij in de natuur ongeveer dezelfde samen stelling heeft).
We kunnen ook mooie vertakkingen van wortelhout aan bijvoorbeeld een glasstrip boven aan het aquarium vast maken zodat het lijkt dat er een wortel van bovenaf in het water groeit, hierdoor hebben we een plaats gecreëerd waar de Petenia dankbaar gebruik van zal maken als hij zich terug wil trekken.

Veel watercirculatie heeft hij niet nodig aangezien hij stilstaand wacht op prooidieren tussen de oeverbegroeiing.
De watertemperatuur kunnen we rond de 26 en 30 graden houden, de PH op 7,2.


Grote, Geslachtonderscheid en kweek:

De grote kan nogal variëren, dit heeft veel te maken met de voeding en verzorging, maar maximaal kan hij meer dan 45 cm groot worden.
De vrouwelijke exemplaren blijven wat kleiner, rond de 40cm, ze zijn al geslachtsrijp bij een lengte van 12cm.
Het is echter niet alles als ze bij een kleine lengte afzetten want dan heb je kans dat ze niet meer hun maximale lengte bereiken en dat zou heel zonde zijn.
Geslachtsonderscheid valt niet altijd mee maar een aantal verschillen zijn zichtbaar, zo hebben de mannen meer schitterende vlekjes en stipjes op hun kieuwdeksels en ze krijgen een hogere bouw dan de vrouwtjes.
De vrouwtjes blijven iets achter in de groei vergeleken met de mannelijke exemplaren en hebben ook een meer gedrongen bouw  en de buikpartij is voller.
Het kweken met deze soort is vrij makkelijk, allereerst kweek je een aantal jonge exemplaren met elkaar op tot dat je merkt dat er een man en vrouw samen optrekken. 
Dit kan je opmerken doordat ze bijvoorbeeld een gaan territorium vormen (baltsen en graven met elkaar) uit dit plaatsje voor hun zelf zullen ze zo goed als mogelijk alle indringers gaan verjagen.
Je ziet nu ook de broedkleur doorkomen, dit is een streeptekening die ze ook laten zien als ze zich opwinden.
Na verloop van tijd zal je zien dat er een steen of stuk achterwand word schoon gemaakt, (dit doen ze met behulp van hun bek) is deze ondergrond schoon genoeg naar de mening van het vrouwtje dan gaan ze over tot het afzetten van het legsel, het legsel kan tot ongeveer 1000 eitjes bevatten het heeft ook een beetje te maken met de grote van het vrouwelijke exemplaar.
Het bevruchte legsel komt na ongeveer 3 dagen uit en na nogmaals 3 dagen gaan de jonge visjes vrij zwemmen.
Nadat de eitjes zijn uitgekomen merk je dat ze de uitgekomen eitjes telkens verhuizen naar eerder gegraven kuiltjes.
De jonge rovertjes zijn makkelijk groot te brengen met microvoer en
artemia-nauplien (artemia larven).


Tot slot:

Deze soort wordt niet veel gehouden door de liefhebbers terwijl het een van de rustigste soorten is die uit Midden Amerika komt, waarschijnlijk heeft het ook wel iets te maken met de agressieve uitstraling die hij heeft.
Wil men deze soort goed verzorgen vergeet dan niet dat het een rover is en hij zijn levend voer nodig heeft.
Ik kan deze soort aan iedere liefhebber aanraden en weet zeker dat iedereen veel plezier beleeft aan deze rustige, groot wordende rover.


>De familie bestaat uit.....

>Hier staan meer foto's.

>terug.

 

 

 

 Home


   
  Home    De Vissen    Tips    Biotopen    Links    Advertenties    Visregistratie                  Copyright (c) cichliden.org 2006