|
Vieja Rotschwanz Theraps.
De Rotschwantz is een soort
die nauw verwant is aan de
Vieja Guttelatus,
waarschijnlijk een variant.
Zoals de Duitse naam ons al
verteld zit er een rode
kleur in de staart en
vinnen.
Op de foto’s zijn halfwas
dieren afgebeeld die nog
niet optimaal van kleur
zijn.
Het is een mooie groot
wordende vis (over de 30cm)
die helaas heel
onverdraagzaam kan zijn.
Net als bij de meeste
soorten scheelt het
ontzettend veel in welke
ruimte hij wordt gehouden.
Heeft men een aquarium
kleiner dan 200cm, begin dan
niet aan deze soort.
De Rotschwantz heb ik
ingedeeld in groep 2 van de
Vieja, hierin zitten de wat
robuustere Vieja soorten die
zich behoorlijk kunnen
misdragen als we hen de
ruimte niet geven.
De maximale lengte van deze
vis ligt rond de 37 cm, de
vrouwelijke exemplaren
blijven doorgaans wat
kleiner van formaat, rond de
35 cm, exemplaren van 40cm
zijn bekend.
Deze soort is nog niet echt
beschreven, vandaar de
Duitse naam.
Gedrag:
Het is een vis die een
gedrag heeft dat
vergelijkbaar is met soorten
zoals: Vieja Fenestratus,
Vieja Maculicauda en Vieja
Zonatus. (ook qua uiterlijk
zijn er veel
overeenkomsten).
Dit soort vissen kan men het
beste niet met andere Vieja
samen houden, (of men moet
veel ruimte hebben) dit
omdat deze als concurrenten
beschouwd worden.
En niet dat alleen maar ook
kruisen ze onderling en dit
is niet waar we op zitten te
wachten.
Nogmaals het is belangrijk
dat ze ruimte genoeg hebben
en een aantal
schuilgelegenheden waar
ondergeschikte dieren zich
kunnen afzonderen.
Hierdoor ga je de stress,
verwondingen en een aantal
ziektes gedeeltelijk mee uit
de weg.
De paarbinding is helaas net
als bij een aantal andere
cichliden van deze familie
niet sterk, zo kan het
gebeuren dat na een aantal
keren een koppel de jongen
goed heeft verzorgt, het
mannelijke exemplaar het
vrouwtje dood jaagt en tegen
een andere vrouw aan baltst.
Geschikte medebewoners voor
deze soort zijn bijvoorbeeld
: Nandopsis Salvini,
Nandopsis Octofasiatus.
Het soort voedsel wat je ze
voor kunt schotelen zijn:
garnaalachtige, groenvoer(spirulina),
Spinazie, sla en andijvie,
korrels: forelvoer,
palingvoer en
cichlidensticks.
Inrichting:
Een bak van 200x60x60 is
echt een minimum die deze
soort moet hebben.
Aangezien we hier te maken
hebben met een pittig
karakter zorgen we voor een
aantal schuilplaatsen in de
vorm van opgestapelde stenen
of wortelhout.
Een grove zandbodem, want
deze dieren graven als ze
beginnen aan hun broedzorg.
De temperatuur kunnen we
houden rond de 28 graden en
de PH rond de 7.
Zorg ook voor een aantal
schaduwrijke plaatsen waar
de dieren zich terug kunnen
trekken.
Een goede watercirculatie (powerhead,of
c.v pomp) wordt op prijs
gesteld.
Planten kunnen we bij de
meeste soorten helaas niet
gebruiken ze worden
uitgegraven en opgegeten.
Je zou plastic planten
kunnen gebruiken maar of dat
zo realistisch staat?
De grote, geslachtsonderdeel
en kweek:
De maximale grote die deze
soort kan bereiken ligt
zoals eerder verteld rond de
37 cm.
Geslachtsonderscheid is
makkelijk, de vrouwtjes
hebben een duidelijke
donkere vlek in de rugvin
die bij mannelijke
exemplaren ontbreekt, ook
blijven de vrouwen wat
kleiner.
De kweek is makkelijk stap 1
is een 6 tal jonge
exemplaren bij elkaar
opkweken.
Als ze de lengte van 15 cm
bereiken dan zijn ze
geslachtsrijp en zal je zien
dat er paartjes gaan vormen,
dit valt op door het baltsen
tegen elkaar en je merkt dat
ze een territorium gaan
vormen wat ze overigens goed
verdedigen tegen
soortgenoten en andere
vissen.
Na een aantal dagen te
hebben gebaltst, gegraven en
gepoetst merk je dat er een
legsel op komst is, dit kan
je zien aan de dikke buik
van het vrouwelijke
exemplaar en de legbuis die
tevoorschijn komt.
Het legsel kan vrij groot
zijn rond de 800 eitjes, de
grote van het legsel heeft
ook veel te maken met de
grote van het vrouwtje.
Als de eitjes bevrucht zijn
dan merk je dat ze niet wit
kleuren en er komen zwarte
puntjes in.
Bij een temperatuur van 28
graden komen ze na 3 dagen
uit, na nogmaals 3 dagen
gaan ze omhoog dwarrelen en
vrij zwemmen.
De jonge visjes zijn
makkelijk op te kweken met
microvoer en artemia
nauplien.
Slotwoord:
Dit is helaas een groot
wordende soort die heel
onverdraagzaam kan zijn.
Heeft men niet de ruimte van
minstens 200x60x60, dan wil
ik deze soort afraden, want
dan heb je er meer ellende
van dan plezier.
Heeft men wel de ruimte,
houd hem dan niet samen met
nauw verwante soorten, dit
in verband met kruisingen en
vechtpartijen.
Op jonge leeftijd laat hij
zijn prachtige kleuren nog
niet zien die hij later
krijgt, dus heb geduld met
deze soort.
>De familie bestaat uit.....
>Hier staan meer foto's.
>terug.
|